Voorwaarden ongevallen inzittenden verzekering

Maximale uitkeringen:
Bij blijvende invaliditeit: € 45.000,00
Bij overlijden: € 22.500,00
Bagage per gebeurtenis:€ 2.300,00
Artikel 1 DEFINITIES
In de zin van deze polis wordt verstaan onder:
1.1. Maatschappij: AIG Europe (Netherlands) N.V.
1.2. Verzekeringnemer: Degene die de verzekering is aangegaan met de Maatschappij en als zodanig op het polisblad wordt vermeld.
1.3. Verzekerde(n): De inzittenden inclusief de bestuurder van de motorrijtuigen. Onder inzittenden worden eveneens verstaan de personen die in of uit het motorrijtuig stappen, alsmede de personen die, voorzover zij voordien in het motorrijtuig gezeten waren, in verband met een met het motorrijtuig plaatsvindende gebeurtenis of het verrichten van een noodreparatie, zich in de directe omgeving van het motorrijtuig bevinden.
1.4. Begunstigde(n): De uitkering bij overlijden geschiedt aan de wettige erfgenamen van verzekerde. De overige uitkeringen geschieden aan verzekerde.
De Staat der Nederlanden wordt niet als erfgenaam erkend.

1.5. Ongeval: Een gebeurtenis waarbij verzekerde plotseling wordt getroffen door een van buiten af op hem inwerkend geweld, waardoor hem in een ogenblik lichamelijk letsel wordt toegebracht, mits aard en plaats van het letsel geneeskundig zijn vast te stellen;
1.6. Blijvende invaliditeit: Duurzaam verlies of functieverlies van lichaamsdelen of organen;

 

Artikel 2 UITBREIDING VAN HET BEGRIP ONGEVAL
Als ongeval resp. ongevalsgevolg worden tevens aangemerkt :
2.1. Complicaties en verergeringen optredende bij de eerste hulpverlening of bij toegepaste behandelingen, echter uitsluitend indien deze behandelingen door een ongeval noodzakelijk zijn geworden en mits deze behandelingen zijn verricht door of op voorschift van een arts;
2.2. acute vergiftiging door het binnenkrijgen van gassen of dampen of van vaste of vloeibare stoffen;
2.3. zonnebrand, uitputting, verhongering en/of verdorsting als gevolg van het geïsoleerd raken van de buitenwereld door een catastrofale gebeurtenis;
2.4. verstuiking, ontwrichting en spierscheuring, mits aard en plaats van deze letsels geneeskundig zijn vast te stellen en zij in een ogenblik zijn ontstaan;
2.5. zonnesteek, bevriezing, verbranding, verdrinking, verstikking, blikseminslag of een andere electrische ontlading en etsing door bijtende stoffen;
2.6. een onvrijwillige val in water of enige andere stof en het als gevolg daarvan binnenkrijgen van ziektekiemen;
2.7. whiplash syndroom waaronder wordt verstaan lichamelijk functionele beperkingen als gevolg van een cervicaal acceleratie/ deceleratie trauma.

 

Artikel 3 OMSCHRIJVING VAN DE DEKKING
3.1. Omvang van de dekking
Verzekerd zijn de gevolgen van een ongeval aan verzekerde overkomen tijdens:
– het verblijf in het motorrijtuig;
– het in, op, af, of uit een motorrijtuig stappen;
– het verrichten van werkzaamheden en/ of behulpzaam zijn bij noodreparaties aan het motorrijtuig onderweg.
3.2. Overlijden (Rubriek A)
In geval van overlijden van de verzekerde binnen een termijn van 2 jaar als enig en rechtstreeks gevolg van een ongeval, de verzekerde overkomen tijdens de geldigheidsduur van de verzekering, wordt de op het polisblad vermelde verzekerde som uitgekeerd.
De uitkering wordt vastgesteld zodra het onderzoek naar het ongeval, de doodsoorzaak en het verband tussen beide door de Maatschappij is afgesloten.
Op deze uitkering wordt in mindering gebracht alle bedragen, die krachtens deze verzekering ter zake van hetzelfde ongeval wegens blijvende invaliditeit zijn uitgekeerd. Geen terugvordering zal plaatsvinden indien de reeds verrichtte uitkering(en) hoger is(zijn) dan de uitkering bij overlijden.
3.3. Blijvende invaliditeit (Rubriek B)
In geval van blijvende invaliditeit keert de Maatschappij de hierna vermelde percentages van de ter zake van blijvende invaliditeit verzekerde som uit.
De vaststelling van de mate van blijvende invaliditeit vindt plaats zodra de toestand van de verzekerde, die het gevolg is van het ongeval -naar redelijkerwijs te voorzien is- vrijwel niet meer zal verbeteren of verslechteren, noch de dood tengevolge zal hebben, doch uiterlijk 2 jaar na het ongeval.
Mocht de verzekerde voor de vaststelling van de invaliditeit zijn overleden, dan is de Maatschappij geen uitkering terzake van blijvende invaliditeit verschuldigd. Indien de verzekerde echter -anders dan door het ongeval- later dan een jaar na het ongeval overlijdt, dan keert de Maatschappij het bedrag uit, dat zij naar redelijke verwachtingen wegens blijvende invaliditeit had moeten uitkeren, indien de verzekerde niet zou zijn overleden.
Als maatstaf voor de bepaling van de invaliditeit geldt :
– bij algehele ongeneeslijke verlamming 100 %
– bij algeheel verlies van de verstandelijke vermogens 100 %
– bij algeheel verlies van het gezichtsvermogen van beide ogen 100 %
– bij algeheel verlies van het gezichtsvermogen van één oog 30 %
– bij doofheid van beide oren 65 %
– bij doofheid van één oor 30 %
bij verlies van :
– de arm tot in het schoudergewricht 75 %
– de arm tot in het ellebooggewricht of tussen elleboog- en schoudergewricht 65 %
– de hand tot in het polsgewricht of de arm tussen pols- en ellebooggewricht 60 %
– de duim 25 %
– de wijsvinger 15 %
– de middelvinger 12 %
– de ringvinger 10 %
– de pink 10 %
– het been tot in het heupgewricht 70 %
– het been tot in het kniegewricht of tussen knie- en heupgewricht 60 %
– de voet tot in het enkelgewricht of het been tussen enkel- en kniegewricht 50 %
– de grote teen 10 %
– iedere andere teen 5 %
– in geval van “whiplash syndroom” als omschreven in art. 2.8. 5 %
Met verlies wordt functieverlies gelijkgesteld, terwijl bij gedeeltelijk verlies of functieverlies een evenredig gedeelte van het voor geheel verlies of functieverlies aangegeven percentage uitgekeerd wordt. Bij de vaststelling van het invaliditeitspercentage blijft het door verzekerde uitgeoefende
beroep buiten beschouwing. Bij verlies of functieverlies van meerdere vingers van een hand door één of meer ongevallen wordt nooit meer uitgekeerd dan het voor de gehele hand opgegeven percentage. Bij verlies of functieverlies van meerdere lichaamsdelen of functies van organen (oog en oor) door één of meer ongevallen wordt nooit meer uitgekeerd dan de terzake van blijvende invaliditeit verzekerde som. Bij vaststelling van de mate van door een ongeval veroorzaakte blijvende invaliditeit wordt rekening gehouden met een eventueel reeds voor het ongeval bestaande duurzame vermindering van de validiteit.
Voor andere gevallen van blijvende invaliditeit dan hiervoor vermeld zal een percentage worden vastgesteld van een blijvende mate van functionele invaliditeit van de gehele mens volgens de richtlijnen van de “Guides to the Evaluation of Permanent Impairment” van de American Medical Association (A.M.A.).
3.4. Bestaande aandoeningen
3.4.1. Indien de verzekerde reeds voor het ongeval lijdende was aan kwalen, ziekten of gebreken wordt bij vaststelling van de uitkering en/of vergoedingen uitsluitend rekening gehouden met de ongevalsgevolgen, die er geweest zouden zijn indien deze kwalen, ziekten of gebreken niet aanwezig zouden zijn geweest.
3.4.2. De beperking genoemd in artikel 3.4.1. is niet van toepassing indien de bestaande kwaal, ziekte of gebrekkigheid van verzekerde het gevolg is van een vroeger ongeval, waarvoor de Maatschappij reeds krachtens deze verzekering een uitkering heeft verstrekt of nog zal moeten verstrekken.
3.4.3. Voor zover een bestaande ziekelijke toestand door een ongeval is verergerd, wordt hiervoor door de Maatschappij geen uitkering verleend.
3.4.4. Indien door een ongeval reeds bestaande blijvende invaliditeit wordt vergroot, dan wordt als grondslag voor de uitkeringen aangehouden een percentage evenredig aan het verschil in de graad van invaliditeit voor en na het ongeval. De vaststelling van dit percentage geschiedt overigens met inachtneming van het bepaalde in artikel 3.3.- het verrichten van werkzaamheden en of behulpzaam zijn bij noodreparaties aan het motorrijtuig onderweg.
3.5. Bagage (Rubriek C)
3.5.1. Vergoeding van schade aan persoonlijjke bezittingen, als rechtstreeks gevolg van een ongeval waarbij ook het verzekerde motorrijtuig is beschadigd of waarbij tevens een uitkering wordt gedaan op basis van de rubrieken A of B, is tot een maximum per motorrijtuig van Euro 2.300,00 medeverzekerd, mits tevens de rubrieken A wn B zijn verzekerd.

 

Artikel 4 UITSLUITINGEN
Deze verzekering geeft geen dekking:
4.1. Opzet: indien een ongeval is veroorzaakt met opzet of goedvinden, dan wel door grove schuld van een verzekerde of een van een bij de uitkering belanghebbende;
4.2. Diefstal: aan hen, die zich door diefstal of geweldpleging de macht over het motorrijtuig hebben verschaft en aan hen die, dit wetende, het motorrijtuig zonder geldige redenen gebruiken.
4.3. Atoomkernreacties: indien de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt door, opgetreden bij of voortgevloeid uit enige atoomkernreactie, anders dan bij op een verzekerde toegepaste medische behandeling;
4.4. Molest: de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt of ontstaan uit molest. Onder molest is te verstaan
– gewapend conflict: elk geval waarin staten of andere georganiseerde partijen elkaar, of althans de een de ander, gebruik makend van militaire machtsmiddelen, bestrijden. Onder gewapend conflict wordt mede verstaan het gewapend optreden van een Vredesmacht van de Verenigde Naties;
– burgeroorlog: een min of meer georganiseerde gewelddadige strijd tussen inwoners van eenzelfde staat, waarbij een belangrijk deel van de inwoners van die staat betrokken is;
– opstand: georganiseerd gewelddadig verzet binnen een staat, gericht tegen het openbaar gezag;
– binnenlandse onlusten: min of meer georganiseerde plaatselijke gewelddadige handelingen, op verschillende plaatsen zich voordoend binnen een staat;
– oproer: een min of meer georganiseerde gewelddadige beweging, gericht tegen het openbaar gezag;
– muiterij: een min of meer georganiseerde gewelddadige beweging van leden van enige gewapende macht, gericht tegen het gezag waaronder zij zijn gesteld. Deze nadere omschrijving vormt een onderdeel van de tekst, die door het Verbond van Verzekeraars op 2 november 1981 ter griffie van de Arrondissementsrechtbank te ‘s-Gravenhage is gedeponeerd. Bij verschil tussen de tekst van dit artikel en de gedeponeerde tekst zal alleen de gedeponeerde tekst van kracht zijn.
4.5. Geen rijbewijs: indien de feitelijke bestuurder:
– niet in het bezit is van een geldig voor de auto wettelijke voorgeschreven rijbewijs, tenzij dit uitsluitend te wijten is aan zijn verzuim het rijbewijs te doen verlengen en de geldigheid niet langer dan één jaar is verstreken;
– krachtens wettelijke bepalingen niet bevoegd is de auto te besturen;
– een rijverbod is opgelegd;
– zijn rijbewijs is ingenomen;
– de rijbevoegdheid is ontzegd;
– onder invloed van alcoholhoudende drank of enig bedwelmend of opwekkend middel verkeert en hij daarvoor onherroepelijk strafrechtelijk is  veroordeeld;
4.6. Bedwelmende en/of opwekkende middelen: doordat de verzekerde, niet de feitelijke bestuurder van auto zijnde, vrijwillig onder invloed is van bedwelmende, opwekkende en soortgelijke middelen, alsmede alcoholhoudende drank, waarbij het bloed-alcoholgehalte 1,5 promille te boven gaat, tenzij verzekerde of begunstigde bewijst, dat er geen oorzakelijk verband bestond tussen het ongeval en het onder invloed zijn;
4.7. Wedstrijden: tijdens de voorbereiding tot of door deelneming aan snelheids-, regelmatigheids-, of behendigheidsritten en wedstrijden, met uitzondering van regelmatigheids- of behendigheidsritten, die geheel binnen Nederland worden gehouden;
4.8. Inbeslagneming: de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt gedurende de tijd dat het motorrijtuig in beslag is genomen door of wordt gebruikt krachtens besluit van een Nederlandse of vreemde mogendheid;
4.9. Waagstuk: bij een waagstuk, waarbij het leven of het lichaam bewust roekeloos in gevaar wordt gebracht, tenzij het verrichten van dit waagstuk redelijkerwijs noodzakelijk was bij rechtmatige zelfverdediging of bij pogingen van verzekerde zichzelf, anderen, dieren of goederen te redden;
4.10. Misdrijf: indien de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt of ontstaan door het opzettelijke plegen van of deelnemen aan een misdrijf of een poging daartoe;
4.11. Ander gebruik: tijdens gebruik van het motorrijtuig in geval van:
– les- en examenrijden;
– deelnemen aan snelheidswedstrijden of -proeven;
– deelnemen aan regelmatigheids- en behendigheidswedstrijden, die niet geheel binnen Nederland plaatshebben.
Deze uitsluitingen zijn eveneens van kracht bij het gebruik van motorrijtuigen door anderen dan de verzekeringnemer.
4.12 Niet-verzekerde bestuurder: Deze verzekering geeft geen dekking voor een gebeurtenis of een ongeval, indien de bestuurder:
– niet door of namens de verzekeringnemer gemachtigd was het motorrijtuig te besturen of te bedienen;
– onder zodanige invloed van alcoholhoudende dranken, en/of bedwelmende, opwekkende of kalmerende middelen verkeerde, dat hij/zij niet in staat kon worden geacht het motorrijtuig naar behoren te besturen;
– niet bevoegd was het motorrijtuig te besturen of te bedienen;
– niet in het bezit was van een geldig en voor het besturen van het bedoelde motorrijtuig voor-geschreven rijbewijs;
– geen uitvoering heeft gegeven aan een op het rijbewijs gestelde aantekening;
evenwel met dien verstande, dat de dekking van kracht blijft voor die verzekerde, die aannemelijk maakt, dat de in dit artikel omschreven omstandigheden zich buiten zijn wetten en tegen zijn wil hebben voorgedaan en hem ter zake geen verwijt treft.
4.13 Niet-toegestane zitplaats: De verzekering dekt niet een ongeval, ten aanzien van de passagiers, die buiten de cabine of niet op de wettelijk toegestane zitplaatsen worden vervoerd.
4.14 Niet-verzekerde motorrijtuigen: Niet onder de dekking van deze verzekering vallen:
– autobussen en touringcars;
– motorrijtuigen, die verzekeringnemer in huurkoop heeft verkocht of die de verzekerde in fiduciaire eigendom zijn overgedragen;
– motorrijtuigen, die als regel buiten Nederland worden gestald;
– motorrijtuigen waarop een bedrijfsvergunning voor vervoer van personen en/of zaken tegen betaling is afgegeven.

 

Artikel 5 DEKKINGSGEBIED
Tenzij op het polisblad anders is vermeld, geldt de verzekering voor ongevallen ontstaan gedurende het rijden, verblijf of vervoer van het motorrijtuig in en tussen de landen, waarvoor een internationaal verzekeringsbewijs (groene kaart) door de Maatschappij is afgegeven.

 

Artikel 6 PREMIEBETALING
6.1. De verschuldigde premie, kosten en assurantiebelasting voor deze verzekering is bij vooruitbetaling verschuldigd.
6.2. De premie wordt vastgesteld op basis van het aantal opgegeven voertuigen waarvan het kenteken is geregistreerd op de naam KAV Autoverhuur B.V.. Aan het einde van ieder verzekeringsjaar zal door verzekeringnemer het aantal voertuigen worden opgegeven. Aan de hand van deze opgave zal naverrekening plaatsvinden en de nieuwe prolongatiepremie worden vastgesteld.

 

Artikel 7 VERPLICHTINGEN NA EEN ONGEVAL
7.1. In geval van overlijden van verzekerde is (zijn) de begunstigde(n) verplicht op -straffe van verlies van hun rechten uit de polis- de Maatschappij hiervan tenminste 48 uur voor de begrafenis of crematie in te lichten en terstond onvoorwaardelijke sectie, zo nodig na opgraving, toe te staan.
7.2. De verzekeringnemer c.q. verzekerde is verplicht -op straffe van verlies van zijn rechten uit de polis- de Maatschappij zo spoedig mogelijk maar uiterlijk binnen 30 dagen, kennis te geven van een ongeval waaruit recht op uitkering wegens blijvende invaliditeit zou kunnen ontstaan.
7.3. Verzekerde is verplicht in geval van een ongeval zich direct onder behandeling van een arts te stellen en voorts al het mogelijke te doen om zijn herstel te bevorderen. Bij nietnakoming vervalt het recht op uitkering.
7.4. Verzekerde respectievelijk begunstigde(n) zijn verplicht alle door of namens de Maatschappij gevraagde inlichtingen over ongeval en ongevalsgevolgen te verstrekken en mede te werken aan elk onderzoek naar ongeval en ongevalsgevolgen (met inbegrip van de doodsoorzaak in geval van een ongeval met dodelijke afloop), dat door of namens de Maatschappij wordt ingesteld, zulks op straffe van verlies van rechten uit de polis.

 

Artikel 8 MAXIMUM VERZEKERDE BEDRAGEN
8.1. Indien bij een ongeval blijkt, dat het aantal inzittenden groter is dan het wettelijk voor het motorrijtuig toegestane aantal, wordt voor elke verzekerde de uitkering verminderd in de verhouding waarin het aantal zitplaatsen staat tot het aantal inzittenden.
Indien overschrijding plaatsvindt zullen 3 personen jonger dan 16 jaar gelijk worden gesteld aan 2 personen van 16 jaar en ouder.
8.2. Voor verzekerden jonger dan 16 jaar of ouder dan 70 jaar zal de uitkering bij overlijden beperkt zijn Euro 5.000,00 (vijfduizend Euro) per verzekerde.
8.3. Voor verzekerden ouder dan 70 jaar zal de uitkering bij blijvende invaliditeit maximaal Euro 10.000,00 (tienduizend Euro) per verzekerde bedragen.

 

Artikel 9 WIJZIGING VAN PREMIE EN/OF VOORWAARDEN
De Maatschappij heeft het recht de premie en/of voorwaarden van bepaalde verzekeringen en bloc te wijzigen. Behoort deze verzekering tot die groep, dan is de Maatschappij gerechtigd de premie en/of voorwaarden van deze verzekering overeenkomstig die wijziging aan te passen en wel met ingang van de eerstvolgende premievervaldatum.
De Maatschappij stelt verzekeringnemer tenminste 3 maanden voor de premievervaldatum schriftelijk in kennis van de wijziging. De verzekeringnemer wordt geacht hiermee te hebben ingestemd, tenzij hij binnen de termijn in de mededeling genoemd schriftelijk het tegendeel heeft bericht. In dit laatste geval eindigt de verzekering op de eerstvolgende premievervaldatum te 00.00 uur.
De mogelijkheid van opzegging geldt niet indien:
– de wijziging van premie en/of voorwaarden voortvloeit uit wettelijke regelingen of bepalingen;
– de wijziging een verlaging van de premie en/of een uitbreiding van de dekking inhoudt.

 

Artikel 10 LOOPTIJD VAN DE VERZEKERING
10.1. De verzekering vangt aan op de datum als op het polisblad vermeld. De verzekering loopt vanaf voornoemde datum voor telkens perioden van twaalf maanden met stilzwijgende verlenging.
10.2. De verzekering eindigt:
– door opzegging van de verzekeringnemer of de Maatschappij aan het eind van de contractduur, mits de opzegging tenminste 3 maanden van te voren per aangetekend schrijven is geschied;
– door tussentijdse opzegging van de Maatschappij bij schade, mits de opzegging is geschied per aangetekend schrijven en met een opzegtermijn van tenminste 14 dagen;
– bij verkoop en alle eigendomsovergangen anders dan krachtens algemene titel, gepaard gaande met feitelijke bezitsverschaffing van het motorrijtuig.
10.3. Maatschappij heeft het recht de verzekering terstond te beëindigen indien de verzekeringnemer in gebreke blijft de premie en de kosten tijdig als omschreven in artikel 6 te voldoen. In dat geval is de Maatschappij verplicht de verzekeringnemer van de opzegging per aangetekende schriftelijke mededeling kennis te geven.
10.4. De verzekering eindigt automatisch, zonder dat de Maatschappij verplicht is van dit eindigen aan de verzekeringnemer kennis te geven, 30 dagen te 00.00 uur na de datum, waarop de verzekeringnemer:
– in staat van faillissement is verklaard of surséance van betaling heeft verkregen, behoudens indien de verzekeringnemer de verschuldigde premie en kosten heeft voldaan;
– niet meer duurzaam in Nederland verblijft.

 

Artikel 11 ADRES EN KENNISGEVINGEN
11.1. Kennisgevingen door de Maatschappij verzonden aan het aan de Maatschappij laatstbekende adres van de verzekeringnemer of aan het adres van de tussenpersoon, door wiens bemiddeling deze verzekering loopt, hebben tegenover de verzekerden bindende kracht.
11.2. Kennisgevingen door de verzekerden dienen te geschieden aan de Maatschappij.
11.3. De verzekeringnemer kiest woonplaats aan het op het polisblad omschreven adres. Hij is verplicht adreswijzigingen direct na verhuizing aan de Maatschappij mee te delen.

 

Artikel 12 VERJARING
12.1. Alle vorderingen of rechten die de verzekeringnemer en/of verzekerden uit hoofde van de polis tegen de Maatschappij menen te hebben, dienen binnen 2 jaar nadat de Maatschappij zijn definitieve standpunt schriftelijk heeft bepaald, in rechte aanhangig te worden gemaakt bij gebreke waarvan elk recht vervalt.
12.2. Ieder recht op uitkering vervalt zonder meer indien de kennisgeving of mededeling op grond van artikel 7 van deze voorwaarden later geschiedt dan 60 maanden nadat het ongeval heeft plaatsgevonden.

 

Artikel 13 GESCHILLEN
Indien partijen omtrent het al dan niet bestaan van een invaliditeit en/of omtrent de graad daarvan niet tot overeenstemming kunnen komen, dan wordt beslissend en voor beide partijen bindend uitspraak gedaan door een medische commissie van drie geneesheren.
Elke partij wijst een geneesheer aan; deze benoemen in gezamenlijk overleg één geneesheer/deskundige. Indien onenigheid bestaat omtrent de keuze van de derde geneesheer, wordt deze benoemd door de bevoegde rechter ten verzoeke van de meest gereden partij. De kosten, aan de bindende uitspraak verbonden, dragen de partijen ieder voor de helft.

 

Artikel 14 PRIVACY-REGLEMENT
14.1. De in het kader van deze verzekering verstrekte persoonsgegevens en de eventueel nader te overleggen persoonsgegevens kunnen worden opgenomen in een door de verzekeraar gevoerde cliëntenregistratie. Op deze persoonsregistratie is een privacy reglement van toepassing. Deze registratie is bij de Registratiekamer aangemeld. Een afschrift van het formulier van aanmelding ligt voor een ieder bij de verzekeraar ter inzage.
14.2. Persoonsgegevens van de verzekerden zullen uitsluitend worden gebruikt voor de berekening van de verschuldigde premie en te verlenen uitkeringen op grond van deze verzekering.

 

Artikel 15 TOEPASSELIJK RECHT EN KLACHTEN
15.1. Op deze verzekeringsovereenkomst is Nederlands Recht van toepassing. Geschillen welke voortvloeien uit deze verzekeringsovereenkomst zullen worden voorgelegd aan de bevoegde rechter in Nederland.
15.2. Klachten kunnen door verzekeringsnemer respectievelijk verzekerde worden voorgelegd aan:
– de directie van AIG Europe (Netherlands) N.V., Postbus 8606, 3009 AP Rotterdam;
– de Ombudsman Schadeverzekering, Postbus 93560, 2509 AN Den Haag;
– de Raad van Toezicht op het Schadeverzekeringsbedrijf, Postbus 93560, 2509 AN ‘s-Gravenhage.